Maandelijks archief: februari 2011

Voorjaar


Spannend

 


Versieren


kleurenbril


Zilver


Holst

Midden in de nacht kom ik thuis. Wat ruikt het lekker. Ik eet een rijstwafel met kaas. Mijn eigen douche als opmaat voor schone lakens in het prinsessebed. Géén muggen is best fijn!


Open

Met een tik slaan de blauwe luiken tegen de witte muur als ik de pin uit het slot trek. Het zonlicht stroomt binnen. Poes ligt op het afdak, net onder mijn raam. Ze houdt me in de gaten, schat in wanneer het lege schaaltje met de yoghurtrestjes naar buiten wordt geschoven. Vanmorgen moet poes langer wachten, eerst de tas inpakken. De sokken en een trui met langemouwen stop ik voorin de rugzak. Ik denk niet en draai mijn stoel wat meer naar rechts zodat ook mijn voeten zon vangen.


De straten van Cadiz zijn nauw en druk. Ik ben op weg naar de kade. Ik loop aan de schaduwkant van de straat. Veel te warm met mijn hoofd in de zon. Micha en Shari wachten op het muurtje, rug naar de zee. Vorig jaar zagen we elkaar in Gent. Nu ben ik aan de beurt om rondgeleid te worden. Pleinen en straten stap ik over. We drinken een moscatel añejo tussen de oude mannen. Ik probeer een gesprek te voeren in gebrekkig Spaans. Geeft niks, het is de poging die telt. Laat op de avond schuiven we aan tafel in een deftig restaurant. We proosten op onze overleden vriend en een lang leven met veel kleinkinderen voor onszelf. Jurgen wilde geen vrienden zien tijdens zijn ziekte, op de begrafenis was niemand welkom. We vertellen elkaar verhalen, halen herinneringen op en nemen afscheid.


Siësta

Op mijn rug in het warme zand, de armen wijd, ik graaf met mijn tenen een kuiltje. Het water is nog koud. Ik hoef er niet in. De uren passen moeiteloos in mijn dagen.


Nat

Druipendvan het water in zijn glimmende zwarte pak schudt de surfer met zijn hoofd. De druppels vliegen uit zijn lange haar. Ik laat het achter me. Ik leun met mijn buik tegen de houten reling die moet voorkomen dat ik hier, bij de vuurtoren naar beneden stort. Voor me niks dan zee. Oceaan zover het oog reikt. Ik fantaseer me op een boot drijvend op deze deinende zilveren massa. Ik zwaai naar de vrouw aan de voet van devuurtoren.