Maandelijks archief: februari 2011

Sjans

Met een roodverbrande neus kom ik van het strand. Onderweg in de duinen kom ik het paard van de gastvrouw tegen. Niet helemaal de bedoeling besluit ik en grijp het touw dat achter het beest aansleept. Als en domme hond sjokt ie achter me aan. Af en toe komt ie dichterbij om aan mijn haar te ruiken. Eenmaal thuis bind ik hem vast aan een boom. Mijn voeten spoel ik af onder de buitenkraan. Tijd voor een piepklein dutje.


Bericht uit caños de meca

De vuurtoren van Trafalgar en de rots van Gibraltar vormen het decor. Blote voeten, zand en metershoge golven. Ik knijp mijn ogen tot spleetjes. Zie ikin de verte Afrika?


Zwart/wit


Zegt ze

Zegt ze

Weet je nog dat ik met mijn vinger de lijn van je gebruinde arm volgde, hoe dringend het gesprek was, je mijn binnenste vloeibaar maakte?


Vreemde avonturen

Met één hand houd ik mijn tas dicht. De andere  prikt in een bord met gevulde zoete aardappel in de Via Via in Antwerpen. In mijn tas zit mijn eigen Piet. Net gekregen om morgen de vorming Met Liefs te geven. Mijn fantasie draait op volle toeren. Hoe ik hier straks nippend aan mijn zachte rokerige whisky de greep op mijn tas even laat verslappen. Hoe dan de Piet, van vleeskleurig plastic, over de grond zal rollen (mijn tas van bescheiden afmeting is eigenlijk net iets te klein voor Piet) en ik wanhopig graaiend tussen de tafels met een rood hoofd zal moeten uitleggen wat een nepPiet in een restaurant op de vloer doet.


Straf

Vorst zat vol, ik zat ergens helemaal vanboven. Het was de moeite


Licht

Als een bezetene hamer ik op de toetsen terwijl de wereld aan me voorbij trekt. Ik zit binnen.


Heimwee

Ik droom van zacht wiegen op de wind hoog in mijn bed in de auto. Van de zon die strepen trekt op mijn lijf achter de ramen. Stapels boeken lezen en het perziksap van mijn vingers likken. Ik moet het doen met een sneeuwklok en een krokus. Nog lang geen zomer maar wel verlangen.


Twas een schone nacht


Uit de kast

Ik slaap in een kast, de wc kan niet op slot, de wastafels hangen scheef, en de verwarming is meestal ijskoud. Ik ben daar echt geen 47, mijn rug wordt geaaid, ik dans op tafel, doe elke morgen een toneelstukje, droog tranen, lach tot ik slap neerval, word ten afscheid door 16 pubers geknuffeld tot ik om genade smeek, vind briefjes in mijn brillekoker waarop staat “gij zijt nen toffe”