Maandelijks archief: juni 2011

Cool

Het zou een makkelijke eerste dag worden. Niet teveel klimmen en de Gite vlak na de top. Opgewekt stap ik in de brandende hitte het dorp uit. We klimmen en klimmen. Na een kwartier is er al pauze. De warmte zorgt voor een enorme klop. Onder een straal water uit de bron wordt het hoofd gekoeld. We klimmen en klimmen. Eindeloos strak naar boven. Het uitzicht fabuleus, maar mijn dijen protesteren en smeken om een kleiner verzet. De fotograag maakt veel foto’s. Ik gebruik elk excuus om op adem te komen. Opgelucht bereiken we na uren klimmen de top. Ik huppel naar beneden, van steen naar steen spring ik. We zijn er bijna! Greet kijkt wel een beetje bedrukt, waarom zie ik de gite niet mompelt ze. De kaart wordt erbij gepakt. Het zou toch echt hier ergens moeten zijn. Het is ondertussen al bijna half acht in de avond. We bellen met de gite: Ah madame, degGite staat op de berg recht tegenover die waarop u nu staat. Ach zo!
In het pikkedonker worden we uiteindelijk ergens op een landwegje opgepikt. Cool, zo’n dagje lopen! (Greet is nog beter in verdwalen dan ik)


Ik ga op reis……

…..en ik neem mee: Tandenborstel, wandelschoenen, glutenvrije pasta, een schone onderbroek, fles wijn, een toffe gast en muggenjaagweg.


In de nacht


Beeldarmoede

Als ik mijn ogen sluit zie ik het strand, de oranje stukken touw, blauwe dopjes van flessen, een halfvergane meeuw. Zand kleeft op mijn voeten. In mijn tas weet ik lauw water en een appel met bruine plekken. Het boek dat ik meebracht ligt op zijn kop naast mijn handdoek. Ik zal het niet echt lezen ik sluimer en stap langs de vloedlijn van de kust.


Receptie

Niemand viel echt uit de plooi, nou ja vooruit de oudwethouder die me toevertrouwde dat er ooit eens een raadslid zonder onderbroek in de raadsvergadering had gezeten was op het randje. Ik heb me  in elk geval keurig gedragen. Ik kan het best. Het werd aan het einde van de middag  nog even spannend want ik passeerde de VVD’er met de opwindende schoenen bij het naar buitengaan. Bijna had ik hem iets woest toegefluisterd. Gelukkig was hij tijdens het gesprek dat we eerder op de middag voerden zo politiekcorrect. Daarna fluister je niet zo makkelijks iets oneerbaars meer in een oor.


Joehoe

Ik mag niet door haar navel praten met de baby en gefrut aan haar buik vindt ze niks maar ik vind haar prachtig. Het Kind krijgt een baby.


Deftig

Ahja, een deftig kleedje heb ik nodig en bijpassende schoenen en mijn haar in de plooi. De burgemeester gaat op pensioen en ik mag de hele dag zwaaien. Nu nog iets zoeken om de binnenkant onder controle te krijgen, Dat ik niet hopla opspring en over de tafels ga rennen of hard lachen op het verkeerde moment.


Koel

Ik droom van ijzige toppen, ijle lucht en de stoomtrein in Frankrijk.


Zegt ze

Ik zou natuurlijk kunnen wachten tot jij zegt dat je me leuk vindt. Ik neem me voor om mijn gezicht niet meer te laten spreken, geen hand meer op je arm, geen verdwaalde zoen bij je oor. Ik speel voortaan “Not to get”


Friet

Een bruinige knakworst in een plastic bakje, friet met tartaarsaus. De tafel is van bruin nephout en zit vol krassen. De man die de friet bakt heeft vettig haar. Er zit nog een klant aan de toog. De zalmkleurige tegelvloer is schoon. Ik zit voor het raam in het hoekje.
Mijn uitzicht is het station. Er komt net een trein aan. Ik denk aan de reis die ik als kind samen met mijn oma met een zekere regelmaat ondernam. Naar een of andere vreemde tante die in een gesticht woonde. Die tante had sterk uitpuilende ogen. Bij elk bezoek hoopte ik dat er een oog uit zou vallen. Ik had ooit een verhaal gehoord over een glazen oog dat zo over de grond wegrolde onder de kast. Dat leek mij het toppunt van spannend. Ik wachtte ik op de “kloink” van het oog dat zou vallen.