Maandelijks archief: december 2013

Echt leven

IMG_9811
De dag is niet bijzonder mooi geweest. Eerder zo’n dag waarop je met een zuinig mondje moet rekenen. De slager met mijn favoriete geroosterde pikante kip is dicht. De werkdag is al een paar uur om en ik ben nog niet vertrokken.

Er is iets te eten om acht uur in de avond maar daar is alles dan ook wel mee gezegd. Ik zet één beker thee waar ik mottig een zakje in laat hangen en prik een beetje rond in mijn bord.

Zin om mee te gaan?

Een half uur later zit ik in een club naar muziek te luisteren, doet een van de muzikanten een dansje voor me, krijg ik een uitnodiging voor oudejaarsavond en word ik geknuffeld en gekoesterd. Mijn voet tikt de maat van het echte leven.


Spiegelreflex

IMG_9821


Foetsie

Ik verheug me op de komst van de logeerpoes, ik heb er meteen beeld bij van de hoe de zon naar binnen schijnt en de poes tevreden op mijn schoot zal zitten spinnen. Gezellig als ik thuis komt geeft ze kopjes langs mijn benen, net als in de boeken die ik vroeger las. Moeder heeft thee en de poes snort voor de kachel.

De poes komt in een mandje met tralies, ze kijkt niet blij. Als het deurtje opengaat loopt ze rond en miauwt keihard. Bang als ze is speurt ze de keuken af naar ontsnappingsroutes. Ze kan niet weg glimlach ik zelfverzekerd. Dan is er een hoop gefoefel en verdwijnt het beest onder het aanrecht. Ik ontdek een kleine opening achter de prullenbak, daar is ze in verdwenen. Onder de vloer hoor ik haar bewegen.


Huisvlijt

Het ruikt heerlijk! Ze draait de dop van een grote wasmiddelfles. Kost ook bijna niks, marseillezeep, soda, water, roeren, nachtje laten staan en voilà, geweldig wasmiddel.
Zal ik een fles voor je vullen? Verwachtingsvol knik ik ja, wasmiddel van een echte heks, gebrouwen uit louter huis-tuin- en keuken-middeltjes. Ik sta bijkans te jubelen van plezier.

Het is laat als ik thuis kom. De fles zet ik tussen de andere wasproducten op de wasmachien. De taken in mijn huishouden zijn strikt verdeeld. Ik was nooit. Morgen even de gebruiksaanwijzing van ons nieuwe wonderwasmiddel vertellen tegen de wasman bedenk ik als ik in bed lig. De huishoudheks heeft er bij gezegd dat ze het nog maar op handdoeken en de witte was uitprobeerde.

De dagelijkse beslommeringen nemen de volgende dagen over en het brouwsel op de wasmachien is straal vergeten. Ik pak een schone bh uit mijn lade, het is een oude paarse maar hij zit zo lekker. Als ik hem aan wil doen verpulvert het kant onder mijn vingers. Jammer maar nu dan toch versleten, grijp ik naar een zwart exemplaar. Stomverbaasd zie ik ook het kant van dit ondergoed verdwijnen onder mijn handen. Ik grijp in de wasmand op de overloop en haal er een aan elkaar geplakt kanten bloesje, een onderbroek met enorme gaten en een bh die nog vrij nieuw is uit. Als ik het vastneem of uitschud blijft er niks van over. Ik sta er verdwaasd naar te kijken en roep de wasman die nog slaperig in zijn bed ligt ter verantwoording.

Hoeveel graden piep ik met paniek in mijn stem, wat heb je met mijn was gedaan?
Slaperig bromt hij dat hij gewoon op 40 graden heeft gewassen niks bijzonders en wat zeur ik nou, ik was toch nooit, je weet amper hoe je de wasmachine aanzet roept hij vanonder zijn dekens.

Dan gaat het licht aan: Het wasmiddel van de heks, jammer ik, je hebt het wasmiddel van de heks gebruikt. De wasman kijkt me onbegrijpend aan. Bedoel je dat in de fles met wit en paars?
Omringd door mijn verpulverde ondergoed kan
ik enkel woordloos knikken.


Instinct

Plots hoor ik mezelf keihard snuiven. Ik weet dat mijn neusvleugels bewegen en dat mijn laarsjes kraken van het wiebelen. Deze man ruikt veel te goed, is te dichtbij. Ik voel hoe ik bloos, het warme rood komt langzaam opzetten ergens van achter mijn oren.

Schichtig kijk ik om me heen om te zien of hij mijn wellustige gesnuif en gekraak heeft opgevangen. Nee, denk ik, hij weet van niks. Opgelucht haal ik adem en ontspan mijn ledematen. Tot het besef komt dat hij precies weet wat hij bij mij te weeg brengt.


Zegt u het maar

Een bijna botsing met een auto die mij helemaal over het hoofd zag, talrijke deadlines waarvan ik weet dat ik er een paar zeker niet zal halen, mijn moeder die zegt Kind denkt toch aan jezelf, een lunchservice nodig hebben omdat ik anders vergeet te eten, vrienden waar ik aan denk maar die ik niet zie, zeven dingen tegelijk doen en er drie vergeten.

Onderweg van Terneuzen naar Gent luister ik naar Zegt u Het Maar, het reactieprogramma van Omroep Zeeland. Altijd dezelfde bellers die klagen over hun stokpaardjes, presentatoren die bedanken voor de reactie nadat een beller louter racistische praatjes uitbraakte.
Meestal is dat het moment om over te schakelen naar de Vlaamse radio één.

Gedachteloos tuur ik naar de weg waar aan gewerkt wordt, de vrachtwagen voor me trekt langzaam op. Ik hoor de opgewekte stem van de presentator, grapjes maken met de weerman, een mopje over de mist in Brabant. De eerste beller in het reactieprogramma ken ik, het is een van de vaste bellers. Een snik in zijn stem. Zijn hondje heeft ie gisteren moeten laten inslapen.
De tranen rollen over mijn wangen, de snikken uit mijn tenen. Met het stuur stevig in handen huil ik keihard. Toch nog een fijne avond piept de presentator.

Je kent zijn hond niet eens giechelt mijn vriendin die ik bel.


Los

IMG_6888
Onbetamelijk fantaseer ik hoe ik hem richting bezemkast zal dirigeren, zacht maar beslist de deur dicht trek en mijn goesting doe.


Vanver

De rails ligt door het hele huis, tunnelgaten in de deuren, Een locomotief met een paar wagons tuft door het huis. Soms zit er een appel in, een beker thee, chips of in het allerbeste geval frietjes en mijn lievelingsboek.
Als ik iets nodig heb leg ik een briefje in een van de wagentjes. De volgende rond tuft de trein met het begeerde richting mij.

Ik lig op mijn buik op de vloer, twee slaapzakken en een deken vormen het station Nanny, met één hand onder mijn hoofd en een hand vrij om de bladzijdes van mijn boek open te slaan kan je me uittekenen. Uren verdwijn ik zo in mijn zelfgecreëerde wereld. Is het boek uit dan verzin ik mijn verhalen zelf. De trein door het huis waar het altijd warm is en alles bij de hand is een van mijn prettigste dagdromen.

Voor de ruit van het sushi restaurant sta ik opgewonden heen en weer te springen. Iemand heeft de fantasie uit mijn kindertijd waargemaakt. Er is een ronde bar met hoge krukken. In het midden staat een kok druk te frutselen met rijst en rauwe vis. Als zijn creatie af is zet hij het gekleurde schaaltje met lekkers op een soort treinrails. Zo wordt het langs de gasten getransporteerd. Komt er een aanlokkelijk hapje voorbij dan pak je het voorzichtig van de band af om op te eten.

Opgetogen stap ik terug in mijn kinderjaren.


Vertrouwen

De vliegreis is lang, de stoeltjes krap. Ik hou niet van vliegen. Alleen ben ik op pad. De hoofdstad van Georgie wacht maar eerst moet ik nog overstappen in Istanboel. Mijn handbagage bestaat uit twee metalen koffertjes en een enorme laptoptas. Daarin zit al mijn gerief om opnames te maken en die dan ook weer deftig door te zenden naar de omroep.

Batterijen, snoertjes, vreemde metalen voorwerpen vormen op Schiphol een obstakel om door de douane te geraken. Als ze dan ook mijn Zwitsers zakmes zomaar in mijn handbagage aantreffen word ik streng toegesproken. Deemoedig buig ik het hoofd en lever mijn schattige rode mesje in.

Bij het instappen bots ik met mijn spullen overal tegenaan. De stewardess met de grimas van een glimlach op haar gezicht is niet blij. Bang dat mijn spullen zoekraken bij het overladen piep ik, al mijn werkgerief zit er in. Ik stapel twee koffers in de bagageruimte boven mijn hoofd en zet de tas onder mijn stoel. Ik zit aan het raampje.

Naast me schuift een gesluierde vrouw. Ze kijkt bang, banger dan ik schat ik in want ik hou me de stoere verslaggever op wereldmissie, zo’n beetje als Robbedoes zonder Kwabbernoot op zoek naar de Marsupilami. Ik glimlach haar toe en verstop me achter een tijdschrift. Adem in, adem uit.

De veiligheidsinstructie van de met zwemvesten zwaaiende steward negeer ik. Het vliegtuig begint te rijden. Sneller en sneller. Ik hou de leuning vast en kijk opzij. Daar zit de vrouw met tranen in haar ogen. Ze neemt mijn hand en knijpt. We houden elkaar stevig vast tot de vlieger netjes recht en op koers ligt. Daarna giechelen we om zoveel onnozele angst. Bij het afscheid zoenen we elkaar teder en knijpt ze in mijn wangen.

 


Wellustig

IMG_9805
De lantarenpalen schijnen hun oranje licht de kamer binnen. Ik krul me op onder drie lagen dekens. Mijn onderbewuste wordt om het uur gewekt door het slaan van de klok. De eerste uren ontwaak ik uit wilde woeste korte dromen daarna is er enkel nog een vaag besef van klank.

De trap die kraakt, mijn hart dat klopt en bloed ruist in mijn oren. Het ondergoed, zo kuis aangehouden in een huis met vreemde geuren, trek ik uit. Ik strek mijn benen en omarm mij.