Maandelijks archief: maart 2014

Foefelhand

Haar smalle vingers voelen aan de zoom van mijn gebloemde rok. Prachtig, zegt ze in Engels met een zwaar Macedonisch accent. Mijn kleren bevallen haar buitengewoon.

Net twintig is ze en een van de deelnemers van het internationale symposium. Klein expressief gezicht, beweeglijk wappert ze met haar handen om elk woorde kracht bij te zetten.

Jij bent de leukste persoon hier haar grote bruine ogen sprankelen van puur plezier. Ik vind haar ook tof en spoor haar aan haar eigen zaak op te zetten. Ik voorspel haar een toekomst als zakenvrouw met een eigen kledingimperium.

De deelenemers van mijn groep zitten in een kring op het gras met in hun hand een glas bubbels om te toosten op een zo vruchtbare bijeenkomst. Innig tevreden en gelukkig slenter ik hun richting uit. Ze springt op als ze me ziet. Heb je onze vragen en ons gesprek gehoord? Als ik nee schud schatterlacht ze, we spraken over seks en onze eerste keer. Weet je wie de leider was? Ik!

Wanneer was jou eerste keer?ze kijkt me verwachtingsvol aan.


Zweterig

Voorzichtig probeer ik me om te draaien op de plastieken matras. Mijn kussen kraakt als ik mijn hoofd beweeg. Het houten stapelbed is te smal, mijn hand steekt als een nutteloze richtingaanwijzer buiten het bed.

Tegenover me, in het grijze schemer van de ochtend zie ik de contouren van het blote bovenlijf van mijn collega trainer. De achterkant van mijn lijf plakt zweterig aan de matras. Mijn benen steek ik voor extra luchtigheid vanonder het dekbed.

Nog voor mijn wekker gaat sta ik onder de lauwe douche.


Strak

Mijn laarsjes kreunen van genot als ik wiebel met mijn tenen. Nog nooit waren mijn in kousen gestoken benen zo glad. De blauwe panty glanst en past me als gegoten. Met moeite kan ik me beletten om mijn eigen benen te aaien.

Onder het lopen moeten lachen om zoveel vrolijke wellustigheid op een doordeweekse dag. In de etalage waar ik voorbij stap zie ik mijn truttig kleedje nog net van onder mijn jas piepen.

Op de vensterbak ligt een pakje met een notitie opgeplakt: Voor Miranda. Twee pakjes met vintage panty’s uit de jaren vijftig. Een cadeau van mijn vriendin die mijn voorkeur voor woeste beenbekleding kent.

Onverwoestbaar staat er op de verpakking in bruine krulletters. Mijn vijftiger jaren kousen, daar ga ik nog veel plezier aan beleven!


Stopteken

Kwart over twaalf zeil ik gestaag richting Waterlandkerkje. Mijn lichten reflecteren in het natte asfalt. Inning tevreden dat ik zonder routeplanner de weg terug vind van Ardooie kom ik op bekend terrein.

De auto ver voor me trapt op de rem, rood-stoppen, op de automatische piloot laat ik De Snor snelheid minderen. Suffig probeer ik de situatie voor me te detecteren. Busjes, een auto, mensen die met lichtgevende fakkels staan te zwaaien.

Douane, politie, mijn raampje naar beneden als ze me voor zich laten stoppen. Alles ok? De vrouw in uniform buigt zich een beetje naar me toe. Ik zou een heel verhaal kunnen vertellen, een fijn concert, mensen die ik graag zie, uitgestelde verlangens en alle dingen die mislukken als ik ze probeer, in plaats daarvan knik ik braaf.

De douanemevrouw schijnt met haar verblinde lamp in het binnenste van de auto. Wat zit er in je kofferbak? Zonder nadenken dreun ik op, een bloempot, een vuilniszak met kussen, koelvloeistof, wandelschoen, een koffer met kleding en een 6 voet lange zweep.

Met open mond kijkt ze me aan als ik content over zo veel adequaatheid achteroverleun. Dan verschijnt de opluchting op haar gezicht: Ahja voor paardrijden Hikkend van de pret geef ik gas als ze met haar hand wuift dat ik door mag rijden.


Droomarbeid

Zo vind ik mezelf terug tussen de half lege glazen witte wijn en de amper gelezen papieren met courante informatie, dromend over documentaires die zomaar weer binnen handbereik komen.
De geheimzinnige schemerwereld van een hoofd vol stemmen en onbekende beelden vorm gegeven in kamers vol dozen, papagaaien en lege flessen of met een enkele matras in de hoek.

De hele dag voel ik de lach in mijn buik naar boven borrelen. Mijn laffe halfslachtige pogingen om fantasie onder controle te houden mislukken jammerlijk. Ik denk aan de bezemkast en de mogelijkheden die zo’n donkere kleine ruimte kan bieden. De zon verwarmt mijn rug terwijl het bloed ruist in mijn oren.

In het donker wandel ik langs de paden, een zeldzame wandelaar kruist mijn pad. Het brakke water ruikt naar zomer en belofte. Ik roep de hond dichter bij me, ik zie nog net het witte puntje van haar staart. Ik denk aan een boerderij in de zomer, met honden, een moestuin en mijn piano.

Net over de streep, binnen handbereik neurie ik een onbestemd en zelfbedacht lied.


Kiezen

Lethargisch hang ik boven de lijst met kandidaten voor de gemeenteraadsverkiezing. De paar mensen waarvan ik denk dat ze meer dan twee hersencellen hebben zitten bij partijen waar ik zeker niet op wil stemmen. Ik zucht en steun, niet stemmen is geen optie. Kind, stemmen is een voorrecht Ik hoor het mijn grootmoeder nog zeggen. Ze keek er serieus bij.

Ik kan me de eerste keer dat ik geheel zelfstandig achter het gordijn in een houten hokje het vakje rood mocht kleuren nog levendig voor herinneren. Het kruisgebouw in Biervliet, het bestaat al lang niet meer maar de opwinding die ik toen voelde is nog zo levendig als wat. Het gevoel van belangrijkheid, het mee doen, eindelijk was ik volwassen. De PSP kreeg mijn allereerste stem en mijn grootouders, die hun hele leven op de Partij van de Arbeid stemden keken er goedkeurend naar.

Ik lees en herlees, zoek op het internet naar programma’s. Niks kan me bekoren. Te lang zat ik bij de gemeenteraadsvergaderingen, het vertrouwen in de gemeentepolitiek ben ik al lang geleden verloren. Geneuzel om niks, miljoenen en door heen gejaagd in projecten die niemand wil. De geldingsdrang van ambtenaren, raadsleden, wethouders. Soms zijn de bedoelingen goed, het startpunt legitiem en zelfgekozen. De uitvoering is vaak zo teleurstellend en een slap aftreksel van het ooit zo glanzend opgepoetste idee dat ik ook daar droevig van word.

Weet je wat? Ik doe mijn ogen dicht en prik met mijn vinger blind op het vel met de namen. Opgelost!


Actie

Als ze bukt voor de man in het keurige pak zie ik zijn blik verharden, een grimas voor de foto als een illusie van dikke pret. Mijn hart slaat over van schrik en spijt als ik in haar kwetsbare bruine ogen kijk. Ik zou haar vast willen nemen, koesteren in het holletje van mijn arm en zeggen dat het echt wel goed zal komen.

Maar ik weet dat het niet goed zal komen, dat er uit deze actie niks goeds kan vloeien. Deze man zonder compassie zal zich omdraaien en zonder omkijken wegstappen op wankele drankbenen. Voorzichtig neem ik een slokje van mijn drankje, even giftig gekleurd als mijn gemoed waarmee ik vreselijke ziektes en pijnlijke wonden voor deze klootzak bedenk die nooit van haar zal houden.


Op Til

DSC03171
De tippen van mijn tenen duwen met alle kracht het asfalt weg. Ik zet me af, kom weer neer, keer op keer. Ik voel het zweet in druppels van mijn lijf rollen. De zon blinkt op het water en in mijn ogen. Luidop en vals zing ik mee met de muziek in mijn oren.

Verschrikt kijkt de man op die zijn krukje uitklapt op in alle rust het zicht op de Schelde vast te leggen. Hij grijnst als hij me in mijn fladderende broek en wapperende jaspanden voorbij ziet sprinten.


Spel

Benen bungelen boven de grond, ik zit buiten op de tafel. De rand drukt in mijn been. Volgens mij stel ik best goede vragen maar de beelden die in me opkomen hebben geen enkel raakvlak met wat ik zeg.

Hoe zijn hand op mijn been mijn kous beroert, de lucht boven me. Het gewicht van de man drukt me tegen de tafel, mijn dijen zacht en warm.

Zullen we naar binnen gaan, ik heb kou. Door de ruimte beweeg ik, soms de kat meestal de muis. Elke keer zet ik een stap achteruit.

Sta met mijn rug tegen de muur, handen stevig klem onder mijn billen om te voorkomen dat de begeerte ze zal sturen naar zijn heup waar ik het kuiltje weet.


Mors

DSC03269

IMG_9782

DSC03276