Wiebelig

Als Snor tussen de loodsen en het wilde groen de werf op draait stapt een man met doordringende ogen van zijn scooter. Zijn blik breekt open in een brede grijns als hij mijn metgezel ziet. Op de werf waar ik altijd al wilde kijken ligt zijn boot.

Trots laat hij de ijzeren bak zien. Het bed met de geruite deken, een gasstel met twee pitjes, de zak patatten. Met brede handgebaren doet hij zijn toekomstplannen uit de doeken. Het wrak veranderd in een boot die ooit zal varen.

Een meerkoet met drie kleintjes, nog amper in de veren, zwemt voorbij. Zachtjes wieg ik heen in weer in de buik terwijl ik mijn water drink uit een beker met het opschrift chocolade. Beschaamd fluistert de eigenaar dat eigenlijk de naam Cupido op de boeg prijkt.

Mijn lach klatert onbeheerst naar buiten als ik naar de gestalte op de bedbank naast me kijk. Zijn lijf vol tatoeages, zijn gezicht getekend door een hard leven en de druk van zware jongen zijn. Niet zo heel toepasselijk giechel ik.

Als ik de steiger afstap kijk ik nog een keer om naar het roestige bootje en zijn trotse eigenaar.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: