Maandelijks archief: januari 2017

Old Fasion

In het volle licht hou ik me staande en is het idee dat we je begraven even abstract als onbegrijpelijk. De rieten mand met daarin je lichaam, gewikkeld in doeken, een gegeven waar ik samen met jou slechte grappen over zou kunnen maken.

Hoe donkerder het uur hoe levendiger mijn dromen: Mijn haar valt uit, ik zit aan het stuur van een bus die ik niet kan remmen, keihard roepend en niemand  wil het horen. Ik sta op om thee te drinken en het nog eens te proberen.

Voor het eerst fiets ik weer een stukje door de stad. De felle zon laat mijn ogen tranen, witte wolkjes adem ik uit, een stoomtrein goed op koers. Vingers tintelen, handen prikken van de koude winterlucht. In mijn hart draag ik je mee.

 


Niks

Hoe dichter jij bij het sterven komt hoe driftiger ik jou wil laten leven. Ik zou je willen zeggen dat we toch lachen tot de tranen ons over de wangen lopen, dat we elkaar knuffelen en zoenen, dat Het Kindeke zo hard moet lachen als je de woorden niet vindt.

Het lekkere eten waar je zo van geniet, ons glaasje wijn na vijven, je hand in die van mij en zo veel mensen om graag te zien.

Ik zeg het allemaal niet, ik val je niet lastig met mijn obsessie voor je leven.

In mijn ziekenhuisbed gebonden aan toeters en snoeren en niet in staat te spreken kon ik een sprankje van je wanhoop voelen. Hoe je opgesloten in een log lijf, niet in staat te communiceren de eenzaamheid moet omarmen. Dat niemand echte verlichting kan brengen en dat liefde niet vermag waar ze in de boekskes zo voor wordt geprezen.

Ach hoe graag ik zou willen dat je bleef leven. Ik val je niet lastig. De last van sterven is al zwaar genoeg.


Beestachtig

Ik ben er vast van overtuigd, dit gaat kei veel pijn doen. Al wachtend op de harde stoel wordt de naald steeds groter en voel ik angstig aan mijn hals. Eindelijk aan de beurt heb ik me zo druk gemaakt dat de bange gedachten allemaal verdwenen zijn, een mens kan tenslotte niet eindeloos zitten hyperventileren.

De oudere man in de witte jas boezemt vertrouwen in. Ik waan me in goede handen. Stap voor stap legt hij uit wat hij doet: Kijken met de echo waar hij precies moet prikken. Behoedzaam gaat hij te werk. Met een trefzekere beweging duwt hij de naald op de plek waar hij moet zijn, schuin naar beneden, achter mijn sleutelbeen in iets wat achter mijn schildklier zit en daar niet zou moeten zitten.

Als het klaar is vraagt hij of het draaglijk was, er zit een groot gezwel wat er uit moet en dat ik over twee weken naar de arts kan voor de uitslag van de punctie. Opgelucht stap ik van zijn tafel. Viel reuze mee.

Als ik thuis kom zie ik mijn buurvrouw rommelen op het balkon. Ik wens haar vrolijk een gelukkig nieuwjaar. Ze doet haar koptelefoon af en houdt het hoofd een beetje schuin. Ik herhaal mijn zin. Ze knikt met haar hoofd en gromt.

Soms lijkt mijn leven een eenakter speciaal voor mij opgevoerd.