Maandelijks archief: oktober 2018

Dicht bij

Ik doe mijn schoenen en sokken uit voordat ik me nestel in de zetel alsof dat straks zal helpen om mijn kleren met meer gemak uit te doen. De kamer wordt verlicht door snoeren lampjes. Niet perse romantisch, de flamingo’s schijnen me zacht roze toe.

Foute witte schoenen, een wollen jas tot op de kuiten, zwierig. Ik staar in het donker en denk: Dit moet wel een dichter zijn. Ik verkleed me tenslotte ook graag als een gedroomde versie van mijzelf. Hij leest Dylan Thomas, troost voor elke dag. Het brengt me naar de Wee Free Man van Terry Pratchett. Geen idee waarom.

Ik hou niet van gedichten zonder verhaal, wel van Dylan Thomas en de reis naar Bratislava met een ouwe auto. Ik kan moeiteloos instappen.

In je zetel, al de kleren uit nu, span ik mijn spieren om het gewicht van je warme naakte lijf beter te kunnen voelen. Straks ga ik weer naar huis.


Spoor

Het zou zo langzamerhand al licht naar Sinterklaas moeten ruiken, de prikkelende geur van vochtige kou die de belofte van vrieskou en witte rijpranden op afgevallen blad in zich draagt. Het enige dat nu prikt is de felle zon in mijn ogen.

We stappen naast elkaar door het polderlandschap van West Zeeuws Vlaanderen. Bespreken de voorkeur voor lichtglooiend en gouden licht, vergezichten uit je raam en de beschutte bosrand achter je.  Wij wandelen op een platte pannenkoek waar het enige bultige de ouwe zeedijk is.

Het deert ons niks. Straks gaan we door het natuurgebied, ik weet daar kan je dwars doorheen met een klaphekje. Er hangt een bord met instructie over koeien en iets van vijfentwintig meter afstand houden, geen kudde doorkruisen. In de verte zie ik de pinken in een groepje grazen.

De twijfel slaat toe, ik ben niet bovenmatig gecharmeerd van koeien. Als het gevaarlijk zou zijn hangen ze toch geen bordje met gebruiksvoorschriften op. Mijn wandelmaatje is zo stellig dat ik besluit om me niet zo truttig te gedragen.

Achter mekaar stappen we voort, ga jij maar voorop, zeg ik schijterig. De groep koeien groeit snel aan van drie naar een stuk of vijftien. Nieuwsgierig komen ze  vanachter de bosjes gestapt om ons eens goed te bekijken. Eentje begint te rennen, staart in de lucht.

In vind dit eng piep ik, mijn vriendin staat ook al klaar om over het prikkeldraad te springen. We gaan terug, het besluit is rap genomen maar het ontsnappingshek akelig ver terug. Ik ga een stok pakken! Snel loop ik een stukje vooruit, niet rennen weet ik want dan holderdebolderen die beesten meteen achter je aan. Tergend langzaam vorderen we.

De koeien komen steed dichter bij. Met de stok kan ik ze bijna aanraken. De drang om  hysterisch weg te rennen en keihard te gillen is bijna ondragelijk. We trekken een laatste sprintje en klappen het valhek achter ons dicht. Pfieuw op het nippertje ontsnapt aan een vertrappeldood.

Best dapper dat we het zo verstandig aangepakt hebben vinden we. Goed bezig man!